ONDER NUL

ONDER NUL

Neem nou nul.
Het getal
waar men vroeger bang voor was,
omdat het niet bestond.

Het verwonderde getal.

In die volle holte kan het verdomd koud zijn.

Toch is een aantal nullen vaak onderscheidend:
het kan onder nul zijn,
en het kan vele nullen samen zijn.

Wat kan niets
toch van veel waarde zijn.

Joris Denoo

Advertenties

THUISKOMEN

 

Thuiskomen

In haar tuin ligt een verloren tennisbal.
Vroeger had zij geschreven: hun tuin.
Er is bijna niemand meer om die op te rapen,
iets te roepen en wellicht terug te gooien

naar de buren die ook al uitgebloeid zijn
wat thuisblijvend nageslacht betreft.
Maar wat doet die tennisbal hier dan?
Misschien komt hij wel van heel ver.

Dat balletje drukt haar met haar neus
tegen het venster van een eeuwigheid.
Dagenlang blijft zij haar beste kleren dragen.
Zij mist het kind met al zijn vragen.

Is dat een ace daar in de tuin?

Joris Denoo

DƏ MOERƏN – LES MOËRƏS

DƏ MOERƏN – LES MOËRƏS                                   

(Әn Vlaamsә klassiekәr ovәr tabakssmokkәl eind jarәn ’40 van dә vorәgә eeuw)

Noot: alle doffe e’s zijn van een apart letterteken voorzien.
Die stommeling verdient dat.
Een taalkundig iets van de schrijver.

01

Hier trapt mәn in әn niemandsland.
Hier komt mәn aan әn eindә:
bredә gracht of brandәnd zand,
soms mijnәnveld of әn vәrstrooidә weidә.

Oudә wind fluit om әn grenspaal.
Blad na blad bәtaalt әn boom dә tol.
Niets aan tә gevәn in dә vreemdә taal;
in zәn eigәn houdt mәn zwijgәnd vol.

Tussәn ginds & hier & toen & hedәn
grenst aan әn zekәr ongәloof
ook hәt voordeel van dә twijfәl:
dә douanә is aan één kant doof.

02

Mәn kamt alleen die windstreek uit
die ergәns uit әn wijzer oostәn
naar әn verdәr westәn strekt,
of omgәkeerd, gәzwind als wind.

Dә wind zit mee; zә lopәn әr weer in.
Әn hazәnpad bәzaaid met grensgәvallәn.
Commerçә vollә kracht vooruit:
allәs voor centәn, centәn voor allәs.

Dә pijp voor bij dә keukәnstoof
wordt vannacht aan huis bәzorgd.
Koppәn gloeiәn als uitgәholdә bietәn,
maar al dә rest is uitgәdoofd.

03

Slaapwandәlaars op vreemd bәkend tәrrein.
Vlaandәrәn zendt enkәlә zonәn uit:
gәjaagd door winst, westwaarts,
lopәn mannәnmensәn zwangәr tә zijn.

Bultәnaars hinkәn schuldәg gәbukt
tussәn gәflakkәr van populierәn
door әn kathәdraal van donkәrtә.
Gәruis, gәluid, gәritsәl & gәrucht.

Dә rechtәrhand draagt zwartә sokkәn
en heeft ervaring met dә mazәn.
‘Bruin of blauw: hazәnpad gәblazәn!
En doe die sigaret dood, dwazәkloot’.

04

Nu of nooit; allәs of iets; hәt dooit.
‘Bonnә chancә ginds in dә Moerәn.
Denk aan uw vel; kijk uit voor
linkә loerәn: die lappən wә zə zelf wel’.

Dә maan krijgt haar bәwijs
van goed gәdrag en zedәn.
Zә blijft vәrstandәg weg;
zә heeft әn duistәrә redәn.

Hopәlәk gaat hәt niet mis.
Stillә ovәrlopәrs vәrtredәn nu
op zachtә voet dә wet. Dә aardә riekt
naar zwartә sneeuw en kattәnpis.

05

Waar dә buidәl van dә bazәn zit,
daar danst hәt hart als jojo op en neer.
Dә kleinә man klampt zich aan zijn brәtellәn
vast en draagt op elkә nier drie kilo méér.

Zij zorgen, nu nog zwaarbәladәn,
voor vәrlichting van dә Republiek.
Pas in Calais, pas in Parijs
glimmәn dә wormәn feeëriek.

Hәt tolbareel vliegt aan spaandәrs:
daar komt dә tabak uit dә Vlaandәrs,
door slijk en grondsop voortgәdragәn
op dә rug van Flandriens à pied.

06

Әn franc is әn franc, mәsjeu,
en әn woord is әn woord.
Әn gram is әn gram, parbleu,
Of zijt gә mәsschien uw levәn beu?

Dә kleinә man wordt van zijn vracht
vәrlost. Vadәr Staat is weer vәrlicht
en om tuin en veld gәleid.
Zoals әn kilo hier kost,

zo kost hij nergәns andәrs.
‘Maar smoort en zwijgt in allә talәn:
gә weet van niks, al moest
dә duivәl zelf u komen halәn’.

07

Hәt pәloton van knechtәn
is in hәt hintәrland vәrspreid.
Dә klassiekәr Veurnә – Duinkerkәn
waaiәrt open. Tabak gәdijt.

Dә weg tәrug maakt velә bochtәn.
Hier en daar brandt nog әn licht
of wacht әn hapklaar mokkәl.
Hәt glazәn oog van God blijft dicht.

In dә oudә Vlaamsә Moerәn
zijn hәt enkәl dә konijnәn
die zich nog evәn roerәn.
Dә baas is thuis; dә rest heet haas.

Joris Dәnoo

DUINEN

 

DUINEN

licht ons op laat ons staan
vervoeg ons tot een honderdvoud
neem ons op de korrel
maar verklap dit eiland niet

verbuig ons onder brekend licht
sta ons toe u nader te bepalen
verdwaal met voorbedachten rade
maar bewaar wat wij verbergen

waad met langzame gebaren
door dit meervoud van een weelde
grijp ons aan heb ons liggen
bestijg onze rimpelflanken

omschrijf dan dit verwende nest
met een zilte regenboog van woorden
en vertel vooral de mensen niet
van deze schroeiplek zonder weerga

Joris Denoo

HET GESLACHT DER ENGELEN

Het geslacht der engelen

Met engelengeduld heb ik de man aanhoord
die, gewapend met wat alcohol,
beweert dat engelen puur meisjes zijn,
maar dan zonder maandelijkse pijn.

De vrouwelijke intuïtie van de hoer
heeft evenmin gelijk, die zegt:
een engel is een zeer zachtmoedig man
die ook zonder ballen vliegen kan.

Nee, ik heb gelijk, altijd, mijn gedacht,
op alle plaatsen, en bovenal in dit café:
een engel heeft een jong geslacht
en gaat alleen maar met een dichter mee.

Joris Denoo

—————————————————————————————————–
Een angelieke klassieker uit het programma LETTERGEKNETTER, meer dan een dik uur deugddoend snelvuur met verhalen, columns, twoliners, taaltwisters, gedichten, sneldichten en interactiviteit door woordenaar Joris Denoo. Bij zinsverduistering geld terug. Boekingen via joris.denoo@gmail.com of 0479630279 ——————————————————————————————————-

PAPIEREN VLIEGERTJES

PAPIEREN VLIEGERTJES

1

Kerselona, Appelonia,
zuidenwinden, oostenvruchten,
hoeve, have daar gelaten.
Ook de navel
is als laatste bergplaats
nu gehavend.

Keerkringen, zuurtegraden,
zwaartekrachten:
men schuilt, men schut, men stut.
Geen dak zo zwak
of er wordt beschut.

Er staan hekkens
om het huis dat we voor u hebben.
Maar bovenal passeert geluidsnormaal
om de zoveel tijd een vliegtuig
in een baan om uw hoofd.

U kunt in afwachting
papieren vliegertjes vouwen.
While we remember nine/eleven.

2

Knesselare, Appelterre,
het luchtruim beneemt u de adem.
We are Belgium,
te klein voor een weerbericht,
maar weliswaar beschikkend
over tricolore schutkleuren.

We hebben bieren, chocolade
en ten minste twee talen.
We are B-Fast
als we zelf vertrekken kunnen
in het aanschijn van de camera’s.

En waar we ook zo goed in zijn:
we shall remember
dode paarden, gifgroene wolken,
veelvouden van soldaten
en eigen volk dat vlucht
van Vlaamse velden weg.

Ja: wij hebben de juiste papieren
om nooit meer te vergeten.
You shall remember.

Joris Denoo

BRING IN THE KLOONS

Bring in the kloons  

Joris Denoo is dood.
Het is niet te geloven:
Joris Denoo is dood.
Op zijn steen staat te lezen:
Zo, dat was het.
Lees maar. Er staat wat er staat.
Hij is echt van ons heengegaan.
Hier is dus een gedicht op zijn plaats.
Dicht is dicht, of wat dacht je?
Joris Denoo is dood.
Het is niet te geloven:
Joris Denoo is dood.
Hoe zullen we hem memoreren?
Alleszins in paasbeste kleren.
Tranen hoeven niet: hij is van ons
heengegaan als een indiaan.
Tevens was hij Grieks-orthodox,
purperen heiden en ei-zo-na heilig.
Hij hield van het lispelen van wind
in gebladerte van Russische bomen.
Ook Alaska droeg zijn voorkeur weg.
Eerlijkheid gebiedt ons te bekennen
dat Joris Denoo in een zeppelin woonde,
statenloos als hij altijd wilde zijn.
Hij passeerde constant alle staten,
leerde negen talen, zweeg in vier ervan,
maar koos uiteindelijk voor zijn eigen
State of Mind (hoofdstad: hart, weliswaar
gekooid in ribben, ook bloeddoorlopen):
not here, not there, but over there:
beyond the stars & stripes & milky way.
Anyway, Joris Denoo is dood.
Echt waar. Een Startrekker van formaat.
‘To boldly go where no man has gone before.’
Hij kende anagrammen, palindromen,
maar ook aan doodgewone dromen
wist hij niet altijd te ontkomen.
Een laatste droom, inktzwart van kleur,
heeft hij niet weten te beleven,
toen iemand (m/v) hem zei: ‘Baas,
neem een racecar, neem een Saab’.
Jammer voor Joris. O ja, nog iets:
hij haatte alliteraties.
En ook rijmen vond hij slijmen.
Dat sterven van Joris Denoo,
dat laat ons niet onberoerd.
We moeten er iets aan wijden:
grammatica, poëzie, een fles.
(Een single malt als het meevalt).
Want het is er eindelijk van gekomen.
Nou, van de dode niks dan goeds.
De kerel schreef, dat is geweten.
Een kort, maar beklijvend citaat
uit zijn werk: ‘We never sleep’.
Waar haalde hij dat vandaan?
Hij sliep verdomme zeer zelden,
inderdaad. Nu wel. Zeer zeker.
Leefde hij er op los? Men zegt zoveel.
‘Que sçay-je?’ zou hij zelf zeggen.
Wij weten het: hij leefde los-vast.
Zijn karige slapen was hooikoortsig.
Zijn kijken voltrok zich kleurenblind.
Zijn leven was hevig, stevig,
maar ergens wel ingetogen.
Zoveel deed zich aan hem voor.
Je moet het maar doen,
verdomme: zo zou hij het
ook hebben gezegd. Echt.
Eens op de planken, nu ertussen.
Het is niet te geloven,
maar Joris Denoo is dood.
Morsdood. Sleeps with the fishes.
Wat valt er nog te vertellen,
nu we hier allen samen zijn?
Soms werpt een lijstje licht op de zaak:
look, rook, verkeerde lieveheren,
whisky, kurken, boeken, passie,
storm, regen, oesters, het edele schaakspel,
vrouwen als vraagtekens, de Noordpool.
Valt hij te klonen, die Joris Denoo?
Niet met een dergelijk lijstje.
Waar is zijn eerste knuppelbeer heen gevaren?
Hield hij al vroeg van spelen met woorden?
Werd hij geboren met zijn hoofd van voren
of maakte hij zich vlug uit de voeten?
Heeft hij kar en paard gekend,
en dronken postbodes op Nieuwjaardagen?
Wie zal het zeggen,
wie zal het zwijgen?
We blijven alsnog in diepe rouw gedompeld.
Want Joris Denoo valt niet te klonen.
O, voor we het vergeten:
we moeten nog een knop indrukken.
Het was zijn laatste wens.
Hij heeft zelf op twee gedachten gehinkt:
‘Wat zal ik ze bij mijn verscheiden laten horen:
orthodoxe kerstkoren of iets van Iggy Pop?’
(We kennen inmiddels zijn aversie voor rijmen).
En hier lezen we, in inktzwarte inkt:
‘Leg maar Iggy Pop op,
de man is ook half verminkt’.
Ach, Joris Denoo, sta ons deze oneliner toe:
orthodox, paradox, de X van X-file
of grote onbekende: Lust for Life.
Oké: dat anagram is je laatste streek,
tevens alliteratie van bepaald allooi.
En nu we hier dansen op je graf
maken we het karwei helemaal af.
We dachten zo, tussendoor:
als jij vertrekt naar het rijk van de doden
hopen we op je rouwbericht geen tekst
aan te treffen van Anton Van Wilderode.
Dat is al zo vaak gedaan.
We zijn blij dat je zelf wat hebt geschreven,
bij volle verstand en nog blakend van leven.
We lezen bij dezen voor alle erfgenamen:
‘Nu ik lig in een kist
voor altijd vermist
wil ik jullie laten weten
wat ik altijd al wist:
ik had te hartelijk lief.
Vandaar deze brief.
Ik wil mijn kinderen
niet langer hinderen
door overtollige ouderdom.
En ergens in een vouw
in de rok van het sterrendom
wacht ik als kruimeldief
op mijn alles begrijpende vrouw,
want haar heb ik hartelijker lief’.
Voorwaar: Elsschot, Nahon,
Gezelle of Van Wilderode
hadden van jou kunnen leren
hoe ze woorden onder elkaar
konden parkeren en achterklap
propageren tot rijmen die rijmen.
Je bent een kraan, Joris Denoo.
Bij dezen weze je naam geprezen.
Hij zweemt om de lippen
van elkeen die stopt met roken.
Je gaf de pijp aan Maarten,
maar die weet niet goed wat te doen.
En, à propos: dat kort geding
dat je God de Vader wou aanspannen,
komt dat in kruiken en kannen?
Heb je dat al achter de boeg,
of was je weer een dag te vroeg?
Joris Denoo is dood.
Het is niet te geloven:
Joris Denoo is dood.
Volgend jaar komen we hier weer.
Wedden dat er dan op zijn steen
staat te lezen:
Ik ben verrezen!

GEDICHTLOOSHEID

GEDICHTLOOSHEID

Pleidooi tegen poëzie

Niets is wat het lijkt. Alles is anders.
Dichters proberen dat niet te beschrijven.
(Het is misschien ook onbeschrijfelijk).
Anders beschrijven ze het. En besterven ze het.
Daar zijn ze als de dood voor, de zg. goede dichters.
Liever zwijgen ze angstvallig op karige witte bladen.
Op de Schaal van Dichter
hebben ze dan een streepje voor door niets te doen.
Ze worden bekend omdat ze zwijgen.
En dat is goed.
Met gedichtloosheid moet je leren omgaan.
Wat moet je anders met al die onzin?
Dat gedoe tussen de regels?
Die zinsverduistering?
Laat die blaren maar braak liggen.
Hou dat witte blad maar voor je mond.
En als je leest, trek dan je stoute schoenen aan,
loop weg voor metrum, rijm en metafoor,
en ga voor rechte regels en volle zinnen.
Want niets is wat het lijkt. En alles is anders.

Joris Denoo

 

ROOMS COMMUNISME

rooms communisme

schreeuwende spreeuwen in bomen van rome
en mensen en toeters jagen die weg
kolkende zwermen van vogels die komen
en gaan in de luchten van rome
draaiend en zwierend en zwaaiend
één in beweging met velen en velen
geen kink of geen knoop doet zich voor
in dit weergaloos zwermen van vogels in koor
diep in oktober in rome en hoor
hoe ze schreeuwen en ruisen en scheren
en wie is de hoofdvogel wie stuurt de zwerm
en wie is de paus van die pluimen en veren
of is dit een staaltje van puur communisme
in dit doorluchtige heilige rome?

Joris Denoo

ZWAARTEKRACHT

Zwaartekracht

 

De stad slaapt. Alles is rustig.
Een rat met zachte vacht vlucht
voor het schijnsel van de nachtwacht.
In alkoven snurken burgers.
Langzaam draait de aarde rond:
blauwe bol, open riool, vergaarbak
van gerochel, kanker en vulkanen.

Vrede op het plein. Niets beweegt.
Een oude straathond spert zijn muil
en jankt zijn blues tot op het bot.
Een man verdrinkt in kwijl en kommer.
De maan beveelt de zee, de vrouwen.
In hun dromen zit hun mond vol slijk
en drijven lijkjes op de golven.

Zwaartekracht balt onrust samen.
Het gebinte op de appelzolder kraakt.
De splijtstof in de navel sluimert.
Angst groeit aan weerskanten
van het tussenschot dat leven heet.
De kleine Newton blaast een speekselbel
en draait zich op zijn andere zij.

Joris Denoo

(Uit Zwaartekracht, thematische bundel over epilepsie, uitgeverij Kleinood & Grootzeer, Bergen op Zoom, 2017)